|
|
 |
Als eerste: de maximale versnelling.
Oftewel 100% presteren in een zo kort mogelijke tijd. Bij dit systeem maakt het lichaam zonder zuurstof acuut veel energie vrij. Voor korte duur: maximaal tien seconde. Vergelijk het met de honderd meter sprint of rennen voor je leven als er groot gevaar dreigt.
De submaximale versnelling is het tweede systeem.
Submaximaal betekent op 95% presteren. Je kunt hierdoor een relatief grote afstand afleggen, maar je verzuurt volledig. Als je de finish haalt, kan je alleen nog maar op de grond liggen en uithijgen. De duur van de inspanning is een tot twee minuten. Het herstel is
afhankelijk van hoe je bent getraind. Herstellen doe je met rust of langzame bewegingen.
Als laatste: het uithoudingsvermogen.
Het energiesysteem dat voor langere tijd energie levert. Het zet glucose en vetzuren (en als het niet anders kan, eiwitten) om in energie. Hiervoor is zuurstof nodig. Afhankelijk van de voorraad glucose en vetzuren kan je dit systeem één tot vele uren aanspreken.
Rust en herstel.
Je kunt de bovenstaande energiebronnen vergelijken met die van de aarde: aardgas, aardolie en steenkool. Het gas is licht ontvlambaar, aardolie minder en steenkool nog minder. In tegenstelling tot onze aarde, kunnen mensen de energievoorraad snel weer aanvullen met voedsel en rust.
Kritieke situaties.
Tijdens onze Life Rescue training bij de KNRM leren we de deelnemers bewust om te gaan met deze energiesystemen. In een gesimuleerde reddingsactie op zee zullen zij de inschatting maken: gaan we er vol in, submaximaal of is de kans van slagen het grootst als we de reddingsactie ondernemen op uithoudingsvermogen? Zo gebruiken we de Life Rescue als metafoor voor kritieke situaties die zich ook voordoen op de werkvloer.
Wilt u meer weten? Mail mij of bel mij op nummer 06 54660360.
Met hartelijke groet,

Gerard Ridderhof
|